|
Goedenavond
allemaal. Ik begin eventjes met wat we vandaag gaan doen. Ik ga
jullie ver-tellen over wat “Het Fluisterkind” is, wat
achtergrondinformatie, wat vergelijkingen trekken bijvoorbeeld met
appelbomen, een mooie vergelijking; de appel valt meestal niet ver
van de boom. Na de pauze gaan we wat meer in de voorbeeldensfeer, we
gaan dan ook even kijken naar mijn eigen verhaal als
ontstaansgeschiedenis voor deze methodiek, dan kun je zien hoe
nauwkeurig kinderen ons dingen influisteren. Niet alleen mijn verhaal
maar ook die van een aantal andere mensen heb ik meegenomen. En dan
is er inderdaad ook nog de gelegenheid om vragen te stellen.
Ik
ben van oorsprong lerares beeldende vakken en ben ongeveer zo’n
twintig jaar geleden klassiek homeopaat geworden, ik ben dat nog
steeds in Leeuwarden met een praktijk aan huis. Ik ben getrouwd en we
hebben twee kinderen, ze zijn inmiddels groot hoor, bijna volwassen,
maar met name door mijn eerste kind ben ik op het spoor gekomen van
het Fluisterkind. Ik wist natuurlijk best al het één en
ander over welzijn en gezondheid door mijn achtergrond, alleen op een
bepaald moment merkte ik in mijn praktijk, als ik de kinderen
homeopathisch ging behandelen, dat ze daar heel goed op reageren maar
ook heel vaak weer terugvielen. Dat is nadrukkelijk niet de bedoeling
met homeopathie, het is de bedoeling dat mensen gewoon stabiel
blijven, dat het zelfherstellende vermogen het weer oppikt. Ja, en ik
dacht; ik weet niet hoe dat komt, ik probeerde de kinderen zo goed
mogelijk te helpen en ik ben pas gaan begrijpen waarom ze terugvielen
toen ik mijn eigen zoon kreeg en ik dacht; jeetje, het gaat helemaal
niet goed met ‘m. En…uiteindelijk dacht ik,…het
gaat helemaal niet goed met mij. Ik ben zelf gaan veranderen en, ja,
met het kind hebben we niets meer hoeven doen. Ik kom daar straks nog
op terug. Dat is de reden geweest, het is zowel goed voor hem geweest
als voor mij, waarom ik er eigenlijk nog steeds hartstikke
enthousiast over ben. Niet alleen voor ons maar voor alle andere
mensen die ik opgeleid heb om deze methode toe te passen, inmiddels
wordt het in Nederland door duizenden mensen gebruikt en met succes.
Wat
is “Het Fluisterkind”, het fluisterkind is een methode om
geluk, gezondheid of welzijn in gezinnen te bevorderen. We vinden het
denk ik allemaal wel belangrijk wat er zich in ons gezin afspeelt.
Wat is het fluisterkind niet, want het levert ook gelijk een
hele hoop mis-verstanden op. Ik heb de methode Het Fluisterkind
genoemd al zo’n 15 jaar geleden maar inmiddels hebben we een
babyfluisteraar in het land en die geeft ook boodschappen van
kinderen door aan de ouders, alleen hij doet dat mediamiek. Dat ben
ik niet, althans niet voor zover ik weet, misschien komt dat nog es,
maar het fluisterkind is gewoon een heel navolg-bare methode, die
zeker spirituele kanten heeft maar met twee voeten op de grond, en
het is gewoon iets wat je aan kunt leren. Het heeft er wel mee te
maken, met wat meneer Ogilvie doet, het heeft ook zeker draagvlak in
het land. Natuurlijk vergroot, voor het feit überhaupt, dat
kinderen hun ouders iets leren maar het is toch wel wat anders. Ja,
wat is het ook niet, het is ook geen opvoedmethode, het is niet een
methode waardoor je leert beter met je kinderen om te gaan.
Uiteindelijk leer je via je echte kinderen beter met je zelf om te
gaan en wanneer jij verandert word je automatisch ook een andere
ouder. Het heeft wel z’n effect in het gezin maar niet direct
als opvoedmethode, op de manier van, mijn kind doet zus en zo, en hoe
moet ik daar mee aan. Wat het ook niet is….ik was eens een
keer op een school posters aan het plakken voor een oudercursus, Het
Fluisterkind, en toen was er een juf in de gang en die zei: gôh,
dat zou toch fijn zijn als die kinderen es wat stiller zouden zijn,
ze had het nog niet hele-maal gelezen.
Om
te beginnen, om ook een beetje te proeven aan de methode heb ik er
voor gekozen om toch even jullie een aantal vragen te laten
beantwoorden. We kunnen dan met z’n allen wat antwoorden geven
en dan gaan we het eventjes omdraaien naar ons zelf.
De
eerste vraag; wat zijn zo de grote belangrijke dingen die wij als
ouders voor onze kinderen wensen in het leven.
Antwoord
uit het publiek:
Geluk
Liefde
Goed
ontwikkelen
Zelfstandigheid
Gezondheid
Dat
ze op het rechte pad blijven
Vrede
Veiligheid
Emotionele
stabiliteit
Vraag
2: Merk je het als ouder dat het niet goed gaat met je kind? Op dat
vlak waar we het net over gehad hebben, al die belangrijke dingen,
merk je dat?
Antwoord
uit het publiek: Ja
Vraag
3: Hoe merk je dat dan?
Antwoord
uit het publiek:
Door
het gedrag van het kind, bv. onrust
Lichamelijk,
bv. niet slapen
Vraag:
hoe kun je het aan jezelf merken?
Antwoord
uit het publiek: Intuïtie
Janita;
wat is dat eigenlijk intuïtie, wat gebeurt er dan als je
intuïtie werkt?
Antwoord
uit het publiek: Dan voel je het aan.
Janita,
je zou ook kunnen zeggen het is een soort van weten, innerlijk weten,
zo noemen mensen het ook wel, voelen.
Vraag
4: Hoe voelt dat voor jou als ouder, wanneer je kind niet goed gaat?
Dus, dat het met die belangrijke dingen niet in orde is.
Antwoord
uit het publiek:
Verdrietig
Angstig
Onzeker
Machteloos
Janita; want je wilt van alles doen hè, en ja….maar
wat, soms weet je het gewoon
even
niet
Schuldgevoel
Janita; dat is ook wel eentje die veel voorkomt hè, zeker bij
moeders, meer dan
bij
vaders heb ik wel es het idee.
Vraag:
Waartoe ben je bereid om de situatie te veranderen?
Antwoord
uit het publiek: Alles
Janita
vraagt; maar werkelijk alles? Antwoord publiek; niet alles maar wel
heel veel, heel veel. Janita; Binnen je vermogen wil je d’r
alles wel aan doen.
Ik
hoor ook ouders wel eens zeggen, dan komen ze op consult met zo’n
kind en dan vinden ze het zó sneu en zielig voor het kind, ik
wou dat ik het over kon nemen. Hebben jullie dat ook wel eens
gedacht? Ja hè.
Vraag:
Kan je kind overzien wat er dan goed, of nodig is om weer in het
spoor te komen?
Antwoord
uit het publiek: Nee.
Janita;
vindt iedereen, nee?
Uit
publiek; met hulp wel.
Janita;
als je ze een beetje de keuzes voorlegt zo van dit is er aan de hand
en we kunnen zus of we kunnen zo doen, komen ze soms een heel eind
hè. Soms ook met heel verassende oplossingen, dus soms ook wèl
met een beetje hulp. Maar vaak gaat een kind natuurlijk voor een
soort korte termijn en kan hij het hele probleem niet overzien en
komt hij er ook niet uit en kan hij de oplossing ook niet verzinnen.
Vraag:
En resulteert dat er dan ook in dat je soms wel eens maatregelen moet
treffen, dat je moet ingrijpen en soms ook wel eens impopulaire
maatregelen moet treffen?
Antwoord
uit het publiek: Ja.
Janita,
ja, dan gaan we het nu omkeren. Gewoon de antwoorden die jullie
gegeven hebben, het doet er niet toe wie dat precies heeft gezegd.
Jullie hebben over de kinderen of je eigen kinderen gesproken en zij
spreken tegelijkertijd ook over ons. Nou gaan we kijken…..en
draaien we de vragen en antwoorden om.
Wat
zijn nou de grote belangrijke dingen die kinderen voor ons wensen?
De
antwoorden; dat is eigenlijk wel een inkoppertje eigenlijk hè,
maar ze willen voor ons ook dat wij gelukkig zijn, écht
gelukkig, niet zo’n beetje half in de marge maar gewoon echt.
Ze willen dat wij liefde kennen, liefde voor ons zelf, liefde
voor anderen, geven en ontvangen maar ze willen ook dat wij ons goed
blijven ontwikkelen, net zoals wij willen dat zij goed groeien en
zich goed ontwikkelen, zowel fysiek in de lengte maar ook op een
andere manier, je ontwikkeling voortzetten. Zij willen dat wij
zelfstandig zijn, dat we echt op onszelf kunnen bouwen en
vertrouwen, met onze pootjes op de grond staan, dit ben ik. Ze willen
dat we gezond in het leven staan, gezondheid, dat hoeft
helemaal niet persé fysiek of zo, soms zijn er ook dingen die
kun je niet wegdoen, maar een gezonde levenshouding hebben zou je
kunnen zeggen. En dat wij het rechte pad belopen en dan krijg
je eigenlijk al een beetje, daarmee bedoelen ze dan vast misschien
ook wel, het rechte pad, dat we niet crimineel worden maar ook het
rechte pad wat voor ons persoonlijk het rechte pad door het leven is,
waar wij voor bedoeld zijn in dit leven om hier te zijn. Dat we vrede
met onszelf hebben, dat we veiligheid ervaren en dat we
emotioneel stabiel zijn. Allemaal belangrijke dingen om na te
streven.
De
volgende vraag: merkt je kind het als het met ons op dat vlak niet
goed gaat?
Eens
kijken wat we geantwoord hebben. Ja, dat merkt hij.
Hoe
merkt het kind dat dan?
Wat
was ons antwoord. Aan ons gedrag, soms kunnen we d’r
niet van slapen maar ze voelen het ook. Met hun
intuïtie weten ze, voelen ze…hee d’r is
iets, het loopt niet lekker met m’n pappa, het gaat niet goed
met mijn moeder, d’r is iets aan de hand. Ik kan er niet
helemaal de vinger op leggen maar d’r is wel iets.
En
hoe voelt dat voor je kind, als het met jou niet goed gaat?
De
gegeven antwoorden zijn als volgt; het doet ‘m heel erg veel
verdriet en ze worden er bang van, jeetje komt dit nog
wel goed, gaat dit niet te lang duren, hoe moeten we dit hebben. Ze
worden er onzeker van maar ook machteloos want we
zullen straks zien hoezeer je kind eigenlijk de hele tijd met je
praat. Niet met woorden maar gewoon met zijn gedrag en zijn
lichaamstaal, en als we dat dan niet oppikken dan voelt ie zich
ontzettend machteloos. Wat kan ik nou nog meer doen, ik probeer toch
zo hard, ik doe toch m’n best en uiteindelijk en misschien ook
wel herkenbaar voor jullie kan het kind zich ook schuldig gaan
voelen, jeetje, ligt het zeker aan mij. Heb ik zeker niet goed genoeg
m’n best gedaan, waarom reageert mijn vader of mijn moeder niet
op mijn boodschappen, ik zal het wel niet goed genoeg uitgezonden
hebben.
Waartoe
is je kind bereid om de situatie te veranderen.
Nou,
we hebben opgeschreven; alles. Dat zullen ze waarschijnlijk in
eerste instantie roepen, ik heb d’r alles voor over.
Uiteindelijk blijkt het heel veel te zijn, ik zie dat vaak gebeuren,
dat een kind uiteindelijk toch wel verder gaat in zijn ontwikkeling
natuurlijk maar sommige stukjes blijven staan maar hij is wel tot
heel veel bereid. Eigenlijk kun je soms bij een groter kind nog
steeds zien dat er ook een peuterstukje bijvoorbeeld, wat heel veel
boosheid in zich heeft, nog steeds, eigenlijk tussen al die andere
kindergebeurtenissen, daar tussendoor wurmt en kijk pappa of mamma
eigenlijk ben je ergens heel erg boos over. Dus ze zijn tot heel veel
bereid. En ze willen het eigenlijk zelfs wel van ons
overnemen. Ook dat zien we hè. Degenen die zich wel
eens in familieopstellingen hebben verdiept, die weten ook dat
kinderen gaan dragen voor hun ouders. Ze gaan dingen proberen voor
ons op te lossen. De verhoudingen komen omgekeerd te staan i.p.v. dat
jij het kind helpt en begeleid gaat het kind voor jou zorgen. En dat
is een vorm van overnemen.
Kunnen
wij, ouders, volwassen, altijd overzien wat goed of nodig is om weer
in het juiste spoor te geraken?
Nee,
zeiden we. Dat kunnen we eigenlijk niet. Heel vaak zien we dat niet.
Hoe zou dat kunnen? Hebben jullie daar enig idee van?
Uit
de zaal; struisvogelpolitiek. Dat kan, dat je het eigenlijk niet wil
waar wil hebben, dat je het ergens wel weet maar toch d’r een
beetje omheen gaat.
Een
andere belangrijke reden waarom we het soms niet zien, dat zijn
blinde vlekken. Dus dat er eigenlijk iets aan de hand is, wat gewoon
onbewust ergens in jou gaande is, en dat kun je gewoon niet bedenken.
Daar kijk je gewoon over heen. De splinter en de balk, je ziet de
splinter in het oog van de ander maar niet de balk in je eigen oog,
dat idee.
Maar
met een beetje hulp dan komen we d’r heus wel uit. Dan
snappen we wel waar het over gaat, dan kunnen we d’r ook best
handen en voeten aan geven. Onze kinderen zijn dus eigenlijk de hele
tijd bezig, niet de hele tijd, terwijl ze gewoon hun eigen ding doen
zijn ze ook tegelijkertijd steeds bezig om ons signaaltjes te geven.
Ze proberen ons van harte te helpen.
Vraag
zeven, eens kijken wat dat was. Moet je kind soms ook ingrijpen
en soms wel eens impopulaire maatregelen treffen, om jou weer
op de rit te krijgen?
Ja,
alle kinderen doen dat. Alle kinderen hebben dat soort momenten, dat
ze echt proberen om ons bij de les te krijgen. En hoe zou een kind
ons dan kunnen bijsturen, of ingrijpen? Hoe zou hij dat kunnen doen.
Uit
het publiek; vervelend gedrag.
Janita;
ja, vervelend gedrag, eigenlijk is het altijd iets onaangenaams want
dan moeten we er wel met onze aandacht bij blijven.
Het
is niet helemaal waar wat ik zeg, het kan ook wel met een “aangenaam”
gedrag zijn maar dan moet je heel goed opletten. Op het moment dat
jij iets minder oplet en de les niet begrijpt dan gaat een kind met
ja, negatief gedrag of zelfs met lichamelijke klachten komen, maar
iets waar jou aandacht niet van kan verslappen. Een lekker
slaapprobleem en we gaan niet meer eten, niet naar de wc willen, we
gaan van alles verzinnen maar wel iets waar mijn vader en moeder zich
wel mee bezig “moeten” houden. Het onaangename is vaak de
sleutel naar iets heel moois. Dus de dingen waarin een kind ons mee
bijstuurt, dat kunnen verschillende dingen zijn; gedrag,
lichaamstaal, spel, de dingen waardoor hij helemaal geobsedeerd is
waar hij zich graag mee bezighoudt of juist niet. Maar ook
ontwikkeling, z’n ontwikkeling of leerprobleem, we zullen er na
de pauze ook een voorbeeld hebben van een jongetje wat niet meer
groeide. Slapen, dromen, allerlei lichaamsfuncties zoals eten,
plassen, poepen, daar hebben we helemaal niks over te zeggen als
ouders, dus dat zijn fantastische machtsmiddelen zou je kunnen
zeggen, lichamelijke klachten maar uiteindelijk ook met zijn eigen
welzijn en eigen levensgeluk, je kunt het soms aan kinderen gewoon
zien. Ik noem dat vaak van die schrale kinderen, dat je denkt van ja,
daar is al zoveel gebeurd, het straalt niet meer, het sprankelt niet
meer.
Ik
heb vandaag ook een paar oude meesters meegenomen. Janita toont deze
en ook andere dingen via een powerpointpresentatie. Carl Gustav Jung,
psychiater, in zijn tijd heette dat dan psychiater, die hebben we nu
ook wel maar toen, nu zouden we het misschien eerder psycho-logen
noemen. Tegenwoordig geven psychiaters vooral veel medicijnen maar
Jung was toch echt wel in gesprek met mensen en hij zei; “kinderen
drukken vooral uit wie wij zijn”. Dan had hij het bv. over
tekeningen maar ja, dat is natuurlijk niet de enige manier waarop
kinderen zich uitdrukken. Kinderen drukken zich de hele dag uit en
hij had gezien dat in de dingen die kinderen uitdrukken, dat ze
daarin vooral laten zien wie hun ouders zijn. Op een gegeven moment
zei hij; geef mij die ouders maar om mee te werken en laat die
kinderen gewoon lekker buiten spelen, dan komt het allemaal wel goed
en ze zetten zichzelf daarmee met ziel en zaligheid in.
Wat
het fluisterkind eigenlijk van je vraagt is heel goed te letten op je
kind en hun taal, die niet een taal van woorden is, om die te leren
begrijpen. Vervolgens kun je dan kijken met die vertaalslag, die de
methode leert, wat heeft dit met mij te maken, wat zegt het over mij,
welke blinde vlek is er bij mij aan de orde, waar mag ik eens gaan
induiken. Als je dan zelf verandert zul je versteld staan van wat er
met je kind gebeurt. En dan wel onder het motto; “wat jou raakt
is ook van jou”, dus niet alles van je kind hoef je altijd op
je zelf te betrekken maar zodra het je raakt, zodra jij je zorgen
maakt of angstig, onzeker of wat dan ook wordt van iets van je kind,
als het je raakt dan is het ook van jou.
Nou
gaan we eens even kijken naar stambomen, waarom. Als we het hebben
over blinde vlekken dan is het heel vaak zo dat, dat iets is wat je
in je jongste jeugd hebt opgelopen. Bv. Jij wou gewoon huilen want je
was verdrietig maar je vader en moeder konden niet met tranen uit de
voeten en zeiden; nou, stil maar, speen d’r in of wat dan ook.
Zo leer je eigenlijk met de paplepel, nou, verdriet is niet echt
handig, weg ermee dat doen we aan de kant. Fantasie; ach kind, stel
je niet zo aan, wat is dat nou fantasie. Boosheid is bij heel veel
mensen iets wat niet mocht, zo zijn er allerlei dingen die je ouders
je al aan en af leren of niet ontwikkelen in jou voordat je er
eigenlijk weet van hebt. En dan ben je op een dag volwassen en dan
heb je een b linde
vlek. Iets wat eigenlijk gewoon tot jou mogelijkheden behoort zit
niet meer in je pakketje, het zit er natuurlijk wel maar je bent het
je niet meer bewust. En dus denk ik, gôh, dat is volgens mij
een reden waarom heel veel mensen, misschien ook wel op een andere
manier hoor, doen aan stamboomonderzoek. Die proberen zo eigenlijk
hun herkomst terug te vogelen zeg maar, en ik heb die hobby nooit
niet zo goed begrepen want ik dacht van ja, wat kom je dan aan de
weet. Je komt aan de weet wanneer ze allemaal geboren zijn, wanneer
ze getrouwd zijn, gestorven zijn maar dan houdt het vaak ook al weer
op. Want dat zijn de dingen die vastgelegd zijn. Eigenlijk is dat een
beperkt verhaal want het geeft je nog steeds zo weinig inhoudelijke
informatie van gôh, wat voor familie hebben we nou. Wat zijn de
familiepatronen waarmee we te maken hebben. Wat is eigenlijk, als je
je een boom voorstelt, de instroom geweest, die wortels, wat hebben
die voor instroom in mijn leven gebracht. Want ergens aan de top, één
van die blaadjes van die boom, dat ben jij, of één van
die takjes en heb je inmiddels al weer kinderen die in de buitenste
rand zitten. En de stam dat zijn natuurlijk je ouders en voorouders,
generaties lang. Maar wat hebben die allemaal ingebracht in mij, in
mijn bestaan? Weet je dat eigenlijk wel? En hebben onze kinderen daar
informatie over? Want grappig genoeg proberen we dus bij dit
stamboomonderzoek steeds verder terug in die stam te gaan en als we
konden zouden we helemaal tot aan de wortels gaan, dan komen we bij
Adam en Eva uit. Maar hebben onze kinderen dan ook informatie over
onze herkomst, denken jullie? Ja, ik zie her en der wat knikken of
zijn zij meer van de toekomst zeg maar, of kunnen ze ook iets zeggen
over wat er allemaal daarvoor is geweest?
Ja,
dat kunnen ze. Want kinderen zijn gewoon de vruchten van die hele
boom van het uiterste puntje van die wortels, de stam, de takken, de
blaadjes, de bloesem en uiteindelijk vormt zich daar een vrucht net
zoals wij kinderen krijgen. Zij zijn de vruchten van die hele
instroom van familiepatronen maar ook jouw persoonlijke patroontjes
en daar komt dan een kind uit voort. Ook als de omstandigheden minder
gunstig zijn, dan zijn ze nog steeds de vruchten van die boom. En dat
zie je ook, net als bij die boom, je ziet dat een boom in de schaduw
heeft gestaan, of hij te weinig licht heeft gehad, of dat hij te nat
of te droog staat, dat kun je uiteindelijk allemaal zien aan die
staat van de blaadjes, de bloesempjes en die appels die er aan komen.
Want die zijn nog flexibel, die komen elk jaar opnieuw terwijl de
rest van de boom al verhout is, vergroeid is met alles wat er was.
Het grappige is, die vruchten van zo’n boom, die reageren
altijd perfect op de omstandigheden. Je kunt je voorstellen als een
boom echt continue te droog staat dan krijg je misschien maar hele
kleine appeltjes, verdroogde appeltjes. Staat hij te nat, of het
heeft heel veel geregend, ja, dan rotten ze weg en ze rotten niet weg
als het te droog is. Dus er is altijd een logisch verband tussen wat
er met de appeltjes, de blaadjes en de bloesem gebeurt en de boom
waaraan ze groeien. Eigenlijk zou je kunnen zeggen reageren ze
perfect, we hoeven er nooit aan te twijfelen, we kunnen er blind op
vertrouwen, wat er met de appel gebeurt zegt ook iets over de boom.
Telkens ziet het er verschillend uit afhankelijk van de toestand
waarin die boom zich bevindt. En dus kan eigen-lijk die boom zichzelf
leren kennen. Jeetje, ik sta hier eigenlijk veel te droog, ik sta
hier veel te nat, ik sta hier in de schaduw bah, maar ja, de boom kan
niet wegwandelen, dat is dan het lot van een boom, en hij is daarmee
vergroeid geraakt.
M aar
zo kan ook een mens zichzelf leren kennen aan zijn kinderen, aan de
vruchten die voortgebracht zijn. En zouden jullie dan zeggen, hee,
die appels en die kinderen, als ze een raar gedrag hebben of ze zijn
ziek dan heeft dat kind een probleem, dan is het kind ziek, dan is
die appel ziek, zou je dat kunnen zeggen? Nee, hier zegt iemand nee,
ze hebben wel een probleem natuurlijk en ze zijn ook wel ziek, alleen
het is iets wat een gevolg is. Het is bijna zoals je naar een mens
kan kijken, bv. die heeft een klacht aan zijn grote teen, ga je dan
de grote teen behandelen of ga je gewoon die hele mens behandelen. In
dit geval ga je het kind behandelen of ga je die familie behandelen
waar het kind uit voortgekomen is. Is het kind ziek, hee, het kind
reageert perfect op de omstandigheden die zich in dat gezin voordoen,
we kunnen er blind op vertrouwen. En dan is het grappige natuurlijk
en dat is gelukkig het verschil tussen appelbomen en mensen, dat
mensen wel weg kunnen lopen en dat mensen hun eigen omstandigheden
kunnen veranderen, dat zij een andere plek kunnen zoeken.
I k
vertel ook vaak het verhaal van een vis in een meer, die daar al
jaren zit en op een bepaald moment is er bij het riviertje wat het
meer met water vult, een fabriek gekomen en die loost zijn vieze
afvalwater in dat meer maar ja, die vis die woont daar al zo lang,
die weet precies waar hij zijn voedsel nog kan pakken en wat de goeie
plekjes zijn waar het voedsel ligt, ook al ziet hij niet zo veel
meer, ook al is er wat minder te eten, hij redt zich wel. En dan op
een dag komt er een visje van voorbij de fabriek zo naar beneden,
verdwaalt, en komt ook in dat meer terecht maar het is ‘m veel
te donker, hij ziet geen hand voor ogen en hij kent de plekjes niet,
dus hij spartelt en hij doet op een gegeven moment van de honger,
want hij kan geen voedsel vinden en de gifstoffen maken ‘m
raar. Nou zijn er twee dingen wat die grote vis kan doen, die kan
zeggen, hee; visje wat doe jij raar, je hebt een probleem of hij kan
zeggen; hee, als
dit
is hoe jij hier blijkbaar moet doen, dan zegt mij dat iets over de
omstandigheden hier. Laten we gewoon samen weggaan, laten we een
andere plek opzoeken waar het beter is. Dat is eigenlijk wat wij als
mensen wel kunnen doen maar appelbomen niet.
Kinderen
vertellen ons over onze persoonlijke waarheid, over het pure kind wat
wij ooit ge-weest zijn en over de pijn die ons is aangedaan in wat
voor vorm dan ook, en ook over de manier waarop wij hebben leren
overleven en waarmee we vergroeid zijn. Waarvan we soms helemaal niet
meer weten wat er allemaal onder zit. Ik neem altijd van deze
matrushka poppetjes mee, met al die poppetjes in elkaar waarbij je
die hele kleine kunt zien als het pure kind maar ja, dan is er iets
gebeurd en dan krijg je een gekwetst kind (volgende grotere poppetje)
en die probeert dat pure kind te beschermen en uiteindelijk krijg je
een soort overlevertje (volgende grotere poppetje) die zegt van; ik
ben een bikkel en ik red mij wel, net zoals die vis in dat meer, ik
red mij wel. En dan tenslotte ben je volwassen (grootste poppetje) en
je denkt, dit ben ik. Maar intussen kun je er drie of meer stukjes
van je zelf helemaal vergeten zijn. Over al die dingen vertelt je
kind je, moet je je voorstellen en moet je je voorstellen wat Jung
zegt; “kinderen drukken uit wie wij zijn”. Voor het
overgrote deel drukken ze uit wie wij zijn. Als je daar goed bij
nadenkt dan kun je je voorstellen, eigenlijk staan we gewoon naar
onszelf te kijken alleen wisten we dat misschien nog niet. Nou, niet
alleen over je persoonlijke waarheid vertelt je kind je, maar
eigenlijk ook over een veel grotere waarheid, over dat wij mensen
zijn met een geestelijke oorsprong want kinderen komen daar net
vandaan, van die andere kant, en die laten ons heel veel zien over
onze innerlijke wereld en over die geestelijke wereld waarmee we
verbonden zijn. Ook al zijn we dan mens, ook al wonen en leven we
hier, we hebben ook die andere kant in ons. Eigenlijk is dat de
mooiste vergelijking met diezelfde boom, met de wortels stevig in de
grond maar met je kruin met al die takken in contact met die
geestelijke wereld. Kinderen gunnen ons dus ook een ruimere blik op
ons zelf, een grotere waarheid dan die we vaak tot dan toe hebben
gezien.
Op
een gegeven moment dan denk je van; net zoals Jezus eigenlijk de
verpersoonlijking was van God op aarde, hee, als hij ons naar zijn
evenbeeld heeft geschapen dan zijn onze kinderen dus ook de
verpersoonlijking van een stukje goddelijkheid in ons, in ons mensen
ook al zijn we hier gewoon op aarde. Wij zijn diezelfde creators die
God eigenlijk ook is, wij mogen ook onze waarheid en ons paradijs
hier scheppen en al die dingen brengen kinderen ons in her-innering.
Jij kan het hier gewoon zo mooi maken als jij het wilt en jij kunt zo
groots zijn als jij bent want vaak leven we maar een soort, laat ik
over mezelf spreken, toen leefde ik echt een hele schamele versie van
wie ik zou kunnen zijn. Een appel kan nooit een peer worden dus ik
zal ook nooit een bodybuilder worden of een man maar ik kan wel
gewoon proberen om die mooie appel te worden zoals hij bedoeld was te
zijn zeg maar.
Janita
vraagt of er op dit moment vragen vanuit de zaal zijn.
Vraag:
Kun je wat zeggen over de geadopteerde kinderen?
Antwoord:
Ik werk samen met een collega en die heeft zelf geen kinderen en zij
heeft wel eens een vriend gehad met kinderen, dat zijn ook een soort
van geadopteerde kinderen, het zijn niet haar eigen kinderen, en zij
zegt; ik heb nooit zo veel geleerd van kinderen als van die kinderen,
ze voelde zich er enorm mee verbonden. Ik denk dat dat met
geadopteerde kinderen ook zo is, het is wel een beetje een ander
verhaal want die biologische instroom is er niet. Alleen er is vaak
wel een reden waarom ook mensen kiezen om kinderen te adopteren, dat
kan allerlei redenen hebben en dat kan ook het thema zijn wat
meespeelt in die ouder/kind relatie van een ouder met een adoptief
kind. Bv. ik kan het niet aanzien dat kinderen zo zielig wegkwijnen
of wat dan ook maar, dat vertelt iets.
Vraag:
Hoe kan het bv. dat het broertje wel gedrag vertoont en het zusje dan
niet?
Antwoord:
Dat is een hele goeie vraag en in het boek beschrijf ik dan ook dat
je kinderen hebt die het voorbeeld zijn en kinderen die de spiegel
zijn. Je zou kunnen zeggen, in de spiegel daar zie je wat je
eigenlijk zelf ook doet. Ik had bv. een zoon die heel erg in zijn
hoofd zat, dat deed ik ook, alleen ik zag de beperking daar op dat
moment niet van dus het was wel een soort van blinde vlek en ik heb
een dochter die heel erg lijf en gevoel is, dus dat is het voorbeeld
kind. Dat is de kant waar ik heen ga. Dus net zoals wij, vaders en
moeders, de taken verdelen, zo verdelen de kinderen eigenlijk ook de
taken. Als jij dat doet dan doe ik dit.
Vraag:
Tot welke leeftijd geldt dat dan, is dat als de kinderen volwassen
zijn, houdt het dan op of zo?
Antwoord:
Mijn zoon was vier toen ik begon en toen dacht ik ook; op een gegeven
moment houdt het natuurlijk op maar dat was helemaal niet zo. Het is
nog steeds gaande alleen er is wel een verschil, met een klein kind
ben jij degene die verantwoordelijk is voor alles wat er gebeurt en
van een volwassen kind mag je verwachten dat hij zijn eigen keuzes
kan maken. Dat is het verschil, je hebt allebei een stuurtje in
handen, bij een klein kind heb jij vooral het stuur in handen en zul
jij ook de verandering in eerste instantie bij je zelf moeten doen.
Maar we weten allemaal, denk ik, hoe oud we ook zijn hoe geweldig het
is als je ouders op een gegeven moment nog steeds die erkenning geven
aan dat stukje waar jij nog altijd mee zit. Tot op het sterfbed
gebeurt het, dat mensen zeggen van gôh, maar hield je dan
eigenlijk echt wel van me? En als ze dan ja zeggen, nou wat valt er
dan wat van je af, dus het blijft gewoon doorgaan. We hebben op de
training ook wel eens kindertolken die dan volwassen kinderen hebben,
die gaan we gewoon vertalen en het werkt altijd perfect.
Vraag:
Je vertelde, als het gedrag je raakt dan is er een boodschap in
verborgen, betekent dat dan ook, want in je boek beschrijf je dat je
zoon een boodschap voor je had maar had je zoon ook een boodschap
voor je man.
Antwoord:
Ja hoor. Ik heb veel aandacht besteed aan dat stukje van mij en mijn
zoon maar natuurlijk was het in ons gezin ook zo dat mijn zoon mij
iets liet zien van hee, dit doe jij de hele tijd, het deugt van geen
kant en mijn dochter liet me het voorbeeld zien. Maar bij mijn man is
dat natuurlijk net andersom, da’s ook zo’n gevoelsmens,
en die ziet zich dus gespiegeld in zijn dochter maar mijn zoon is
eigenlijk zijn voorbeeld. Want die laat ‘m zien van jôh,
je kan ook eerst wel eens even nadenken voordat je wat doet, ja, zo
werkt dat. Dit gegeven noemen we het gezinskruis en als je nog meer
kinderen hebt zie je ook, dat er vaak kinderen zijn die zitten een
beetje in een middenpositie, een derde kind vaak. Dan zeggen ouders
van nou, ja die fietst er gewoon wat lekker tussendoor en die gaat
z’n gangetje wel alsof dat derde kind precies laat zien hoe je
de thema’s kunt integreren. Het ene kind pakt heel erg die
kant, het andere kind pakt die andere kant en de derde laat zien hoe
je het bij mekaar kan brengen. Dus wat dat betreft verdelen ze de
taken netjes.
Vraag:
Hoe weet je nou dat het een boodschap voor jou is of dat het een
stukje van het kind zelf is?
Antwoord:
Ik denk dat het een èn èn verhaal is. Mijn zoon had
vrij uitgesproken hobby’s en belangstellingen. Dat waren dingen
waar hij zichzelf heel erg in kon vinden, in de oudheid,
dinosaurussen, Egypte en weet ik het wat, maar dat was ook een
boodschap voor mij. Ik moest ook eens in mijn verleden teruggaan en
het mysterie ontdekken, het is èn èn. Je kunt het nog
steeds zo zien, als het jou raakt dan is het ook van jou. Ik had een
keer een vrouw aan de telefoon die wilde aan de cursus meedoen en ze
zei; nou, is het wel goed als ik kom, eigenlijk kan mijn man beter
komen want die kan het veel beter vertellen dan ik, veel objectiever
en zo. Ik zei, ja, kom gewoon allebei. Want allebei vertellen ze een
ander verhaal over het kind, soms denk je, is dit hetzelfde kind waar
ze het over hebben maar ze vertellen allebei een heel ander verhaal.
De moeder vindt het kind onvoorzichtig en die vader vindt het wel
stoer. Er zijn heel verschillende verhalen wat díe betreffende
ouder raakt en ze krijgen dus ook een heel verschillend verhaal
terug.
Pauze.
Ik
zal eens uitleggen hoe het nu in de praktijk werkt. Als ouders naar
een kindertolk gaan, dan komt er een verhaal van die ouders over dat
kind, dat zetten we op papier. Dat is belangrijk wanneer we gaan
vertalen, dan kunnen de ouders er niet om heen draaien, geen
struisvogel-politiek meer. De kindertolk maakt het verhaal van
toepassing op die ouders. Er was een keer een vader die een heel boos
zoontje had, hij herkende zichzelf niet in dat kind, en dat was dus
precies het probleem, hij herkende zijn eigen boosheid niet, dat zat
diep van binnen weg gestopt. Als je bijvoorbeeld een kind hebt wat
niet durft te zwemmen, terwijl de ouders wel graag zwemmen, dan moet
je even verder zoeken voor de vertaling, dan kan het meer figuurlijk
zijn, bijvoorbeeld dat de ouder bang is om ergens in te verzuipen, of
de controle los moet laten. Dat is soms iets lastiger om dat erin
terug te vinden, daar kan een kindertolk bij helpen. Vaak als er
vertaald is voelen de ouders ook wel dat het waar is. De dingen die
er in je vroegste jeugd gebeurd zijn, vooral traumatische
gebeurtenissen, zitten diep in je systeem opgeslagen, je hebt er
misschien geen herinneringen aan, maar het is niet weg. Wanneer je
mensen de vertaling geeft van hun kind, dan begrijpen ze ook vaak
gelijk dat het klopt.
Inmiddels
15 jaar geleden was mijn zoontje 4, hij was altijd verkouden. Hij was
halfjes, niet ziek en niet gezond, had een hoofd vol snot, leek wel
een oud mannetje, hij kon niet spelen, had denkrimpels op zijn
voorhoofd. Hij kon ook niet met andere kinderen spelen en hing de
hele dag aan mij, hij claimde mij. Ik had sterk het gevoel dat hij
heel ongelukkig was, misschien moet het anders kunnen. Ik had al van
alles geprobeerd, homeopaat, consultatie-bureau, hij zat inmiddels op
school, ik praatte met de juf. Ik wilde hem meer kind laten zijn,
gelukkiger laten zijn en vooral zijn verkoudheid over laten gaan, dat
had hij dus al anderhalf jaar. Ik ben toen begonnen met alles
opschrijven, zijn hele historie vanaf de zwangerschap tot dan toe. En
toen ik het terug las dacht ik, dit gaat gewoon over mij!?! Hoe kan
ik van hem verwachten dat hij speelser wordt en gezonder als ik dat
niet eerst zelf doe. En niet eens zozeer voor mijzelf, maar vooral
voor hem, want ik was eigenlijk helemaal niet zo’n leuke moeder
voor hem.
Een
uitspraak van een oude soefi meester Inayat Khan “Het hart van
een kind is als een fotografische plaat, klaar om alles te
weerspiegelen waar aan het wordt bloot gesteld”, dat is net
zo’n wijsheid als van Carl G. Jung “Kinderen drukken uit
wie wij zijn”.
Later
vroeg ik mij af waar ik mijn zoon dan aan bloot gesteld had. Ik heb
het even naast elkaar gezet. Hij was chronisch verkouden, dat
betekent langdurig, de kou was erin gekomen. En bij mij was ook al
langdurig de kou in mijn leven gekomen. Hij was halfjes, niet ziek en
niet gezond, ik leefde ook maar een half leven, beetje ziek en beetje
gezond. Hij had een hoofd vol snot, ik had een hoofd vol rotzooi. Hij
was een oud mannetje, maar ik was ook een oud vrouwtje. Zoals hij
geen kind kon zijn, zo had ik ook geen ruimte voor het kind in mij,
hij kon niet spelen en ik kon ook niet spelen. Nou hoef ik niet te
spelen met lego blokjes, maar ik kon ook niet spelen met mijn leven,
mijn werk, met de dingen om mij heen. De denkrimpels die hij had, ik
was in die tijd een soort wandelend hoofd, ik was alleen maar een
hoofd. En hij was ongelukkig, omdat ik zelf ook ongelukkig was. Voor
het eerst aanschouwde ik mijzelf en bedacht me dat dit is wat ik doe
en ik ben er niet tevreden mee. Daarom claimde hij mij dus, ik vond
dat heel vervelend, maar gelukkig deed hij dat. De persoon die ik
was, was niet de persoon die ik wilde zijn, er is veel meer in mij,
iets veel mooiers.
Mahatma
Ghandi zei vroeger al, “Wees zelf de verandering die je wilt
zien in de wereld.”
De
verandering die ik wil zien in mijn kind, moet ik eerst zelf maken.
Laat ik proberen om wat warmer, wat speelser en wat aandachtiger te
zijn, ik wist alleen niet hoe. Ik was tenslotte alleen maar een
hoofd!Ik ben het maar gewoon gaan proberen, afkijken bij anderen en
nadoen. Soms lukte het wel en soms niet. Het belangrijkste was dat ik
voor mijzelf besloot dat het kon. Ook al wist ik niet waar het
vandaan moest komen, ik had gezegd “dat kan ik ook, die kant
van mij is er ook”. Toen kwam mijn zoontje weer met een stukje
hulp, hij had een geheime hut, daar was alles mogelijk, alles kon
daar veranderen en het was veilig. Toen besefte ik dat ik ook een
veilige plek in mij heb waar ik kan oefenen, waar ik dingen kan
omvormen, transformeren. Voor mij voelde dat alsof het nieuw was, al
zat het natuurlijk eerder ook al in me. Het resultaat van dit alles
was dat bij mijn zoon, al vanaf het moment dat de knop om ging bij
mij, was dat zijn verkoudheden binnen een paar dagen weg waren,
zonder enige behandeling. Hij werd blijer, gelukkig, speelser, hij
werd weer kind. Hij stopte ook met mij te claimen, ik had de
boodschap begrepen dus hij hoefde mijn aandacht niet steeds te
vragen. Ik heb mij in die tijd ontzettend schuldig gevoeld, omdat ik
het fout had gedaan was hij steeds ziek geweest, wat was ik voor
slechte moeder. Maar je kunt niet schuldig zijn aan de dingen die je
niet weet. Je kunt nooit schuldig zijn aan je eigen onwetendheid.
Alleen op het moment dat je het weet kun je jouw verantwoordelijkheid
nemen. Ik besef me dat mijn verhaal ook bij jullie allerlei vragen
oproept en dingen in bewe-ging zet, maar ga in ieder geval zonder een
schuldgevoel weg. Het is natuurlijk een levenslang proces, maar je
komt steeds dichter bij het plaatje van dat mooie appeltje wat je zou
kunnen zijn. Het is echt het beste wat je kunt overkomen, het is bij
mij niet in 1 dag gekomen. Steeds twee stapjes vooruit, een stapje
achteruit, dat gaat in fasen. En bij elk stapje kwam mijn zoon weer
met een volgend signaal, zo heb ik me niet alleen warmte, gevoel en
aandacht eigen leren maken, uiteindelijk was het ook een soort
spiritueel voelen, een soort hypergevoel. En dan liet mijn zoontje
mij weer met beide voeten op de grond staan, kom uit die
spiritualiteit en die innerlijke wereld. Toen mijn hoofd opgeruimd
raakte, heb ik ontdekt dat ik ook gevoel had, als een soort van
wedergeboorte. Mijn zoon wilde daarvoor nooit ergens spelen, maar nu
vroeg hij er om en ging regelmatig bij een vriendje spelen. Eerst
claimde mijn zoon me, nu was hij vaak niet thuis en had ik tijd over!
En elke keer als ik tijd besteedde aan de oude dingen stond mijn zoon
met 5 minuten weer voor mijn neus. Dan zat ik weer in mijn hoofd, of
in de boeken, ging ik denken en lezen en problemen zien. En als ik
die andere weg koos, dan bleef hij de hele middag weg. Eerst valt het
niet op, dan merk je dat het geen toeval is, het is mij toe gevallen.
Op die manier houdt hij de vinger aan de pols, er is geen weg meer
terug.
Ik
citeer Einstein “De illusie dat we van elkaar gescheiden zijn
is een optische misvatting van ons bewustzijn”. We hebben ieder
een eigen omhulsel, ook je kind heeft een eigen lichaam, maar
desondanks zijn we met elkaar verbonden, het is een misvatting dat
wij eilandjes zijn, wij zijn nauw met elkaar verbonden. Als je
bijvoorbeeld de stad in wilt, en je buurvrouw past op met de
babyfoon, uitgerekend dan wil je kind niet slapen, ze voelen dat aan.
Je kunt wel dingen verzwijgen, maar ze voelen het toch. Dat wil niet
zeggen dat je altijd alles moet vertellen, dat is weer het andere
uiterste, maar het is een illusie om te denken dat je dingen kunt
verstoppen voor je kinderen. Zij kijken dwars door je heen. Eigenlijk
zou je kunnen zeggen dat het fluisterkind de opvoedmethode is wat
kinderen voor hun ouders hebben. Iemand vroeg in de pauze al of
kinderen dan niks van ons leren, ja dat doen ze ook. Wij leren hen
heel veel dingen over hoe het hier in het aardse leven aan toe gaat,
hoe je je veters moet strikken en hoe je moet rekenen en andere
sociale en emotionele ontwikkeling. Maar zij leren ons ook dingen, er
is al zoveel aandacht voor wat kinderen moeten leren, het nanny
gedeelte, daar is genoeg aandacht voor, maar hier hoor je weinig
over.
Een
voorbeeld: Een moeder komt bij me met een kind met koortspieken,
beetje verstopte neus, is al bij de dokter geweest en hij kan niets
vinden wat aanleiding is voor de koorts-pieken. Het kind is ook
angstig, droomt over heksen, die moeder moet weg jagen. In een
gesprek vroeg ik of zij ook zo vol zit? Nou dat zat ze zeker, ze zat
in commissies, volgde cursussen, ze deed dingen op school, teveel om
op te noemen, alles om een betere moeder te zijn. Ze zei zelf dat ze
daar zo koortsachtig mee bezig was! Daar had je het al, de
koortspieken, het was alsof het kind wilde zeggen dat ze zich niet zo
druk hoefde te maken, dat ze niet zoveel hoeft te doen, dat ze al
goed genoeg is zoals ze is. Ze ging gelijk in haar agenda schrappen,
minder druk bezig zijn en de koortspieken zijn nooit meer terug
geweest. Uit onderzoeken is ook al gebleken dat stress van ouders
bij kinderen vaker koorts geeft. Ook hebben vaak huilbaby’s
ouders met stress. Het is niet altijd zo, baby’s kunnen om zo
veel dingen huilen.
Dit
is een voorbeeld van een baby die altijd aan het spugen was. Al bijna
1 jaar, volgens de dokter was er niets aan de hand, op onderzoeken
was niets te vinden. Maar toch iedere voeding kwam er weer uit. Deze
moeder kwam bij ons op de cursus, ze vertelde dat het kind in haar
bedje het speelgoedkonijn pakte en daarachter spuugde, soms zelfs met
vingertjes in de mond. Wat dat spugen betekende, dat kon ze zich wel
voorstellen, ze was zelf ook spuugzat van bepaalde dingen, maar wat
had dat konijn ermee te maken? Een konijn staat voor zacht, lief.
Toen begreep ze het, ze wilde zelf graag nee zeggen, maar verschool
zich achter lief, sociaal gedrag. In de pauze belt ze haar man, de
kinderen zijn meestal niet mee, hij vertelt dat het kind de hele dag
al niet gespuugd had. Kinderen zitten via onzichtbare lijntjes
verbonden met hun ouders.
Een
ander voorbeeld is van een jongetje die al 3 jaar heel erg boos is op
zijn moeder, oorpijn, nare dromen. We gaan aan de slag en moeder
herkent haar eigen boosheid, door verleden met alcoholistische vader,
die juist altijd als ze aan het eten waren dronken thuis kwam. Haar
zoontje gedroeg zich ook altijd zo boos tijdens het eten. In eerste
instantie is ze verdrietig naar huis gegaan zonder het te vertellen,
toen ze thuis kwam springt hij bij haar op schoot, armpjes om haar
heen en roept steeds “lieve mama, lieve mama, duizend kusjes”.
En dat terwijl hij haar de afgelopen 3 jaar alleen maar verrot
gescholden had en geschopt en geslagen. Uit-eindelijk is na een week
de woede bij dit kind terug naar normale proporties, natuurlijk is
iedereen wel eens een keer boos, dat is heel normaal.
Op
het moment dat er bij de ouder een knop omgaat zal het kind jou dat
altijd laten merken met een signaal. Als je dan als ouder het
begrepen hebt, en je doet er een half jaar later niets mee, dan krijg
je weer een nieuw signaal. Eigenlijk is dat heel mooi, dat hij het
niet opgeeft.
Een
ander voorbeeld was een jongetje met hele passieve darmen, hij kon
niet poepen, hij groeide ook niet meer. Hij had ook heel erg heimwee,
kon moeilijk van huis. Ik praat met de moeder en vraag haar of zij
soms een zware last met zich mee draagt? Ze vertelde een verhaal van
een hele zware jeugd waar alles fout was gegaan, ze had ook een heel
slecht zelfbeeld. Haar zoon was haar enige levensdoel, hij moest het
beter krijgen dan zij. Toen zag zij het ineens, dat zij wel alles
goed wilde hebben voor haar zoon, maar dat haar zoon zei dat hij
wilde dat zij het goed zou hebben, dat ze dat voor zichzelf zou doen.
Dan zou ze hem ook het allerbest kunnen helpen. Hij leerde haar dat
zij passief was geworden, zij groeide niet meer, zij verteerde het
niet, kon niet verder. En de heimwee, was een verlangen voor haar om
thuis te komen bij zichzelf. Dan kun je als buitenstaander wel zeggen
dat zij wel wat waard is, maar dat gelooft ze gewoon niet. Net zoals
ik overtuigd was dat ik alleen een hoofd was, zo was zij ervan
overtuigd dat ze niets waard was. Wat er wel in gaat is het verhaal
van je kind, het kind is voor veel mensen het belangrijkste in hun
leven, de liefde voor het kind is vaak groter dan de liefde die
mensen voor zichzelf voelen, dat zorgt ervoor dat het mensen wakker
maakt. Voor een goed resultaat is het belangrijk dat mensen zelf
gemotiveerd zijn, en dat is de methode van het fluisterkind. Toen ik
haar vroeg wat haar een beetje eigenwaarde zou kunnen geven gaf ze
aan wel een klein baantje te willen, onder schooltijd. Ze vindt een
baantje en daar komt ze ook een man tegen, een veel betere man dan
die ze in het verleden had getroffen. Maar al vanaf het moment dat
zij de boodschap van haar kind begreep begon hij weer te groeien,
zich normaal te ontlasten, zijn darmen begonnen zich weer te
herstellen, omdat dat proces ook bij zijn moeder aan de gang was.
Kinderen
zetten zich net zo intensief in voor ons levensgeluk als wij voor
hun. Dat doen ze uit liefde, voor ons, en voor zichzelf. Het is ook
een beetje eigenbelang. Als ze de boom gezond maken, wordt het voor
hun ook een beter verhaal. Alles wat heelt, heelt vooruit en
achteruit. Dat takje wat jij bent werkt als een soort transformator,
de stroom die in die boom kwam, die niet helemaal goed was, kan
worden omgezet naar een stroom die wel goed is. Het kind weet wat jij
nodig hebt, ook op plekjes waar jij geen weet van hebt. Het neemt ons
liefdevol aan de hand mee en laat heel nauwkeurig elke keer zien wat
jij nodig hebt op dat moment. Het is heel eenvoudig, je kunt het
leren. Het raakt een snaar, ouders raken gemotiveerd, de liefde van
ouders voor kinderen is sterk en dat houd je gaande.
Dan
nog een gedicht van Boeddha:
Waak
over je gedachten, straks worden ze je woorden,
Waak
over je woorden, want straks worden ze je daden,
Waak
over je daden, want straks worden ze je gewoonte,
Waak
over je gewoonten, want straks worden ze je karakter,
Waak
over je karakter, want straks word het je bestemming,
Dan
heb ik wat spreuken van oude, grote leermeesters mee genomen, maar
vergeet niet dat uiteindelijk de grootste leermeester bij jou thuis
op de bank zit, dat is je eigen kind. Mocht je hier meer van willen
weten, er zijn kindertolken opgeleid, in het hele land, zij kunnen je
helpen. Er zijn ook ouder cursussen, ook hier in de buurt. Voor de
mensen die zelf therapeut of hulpverlener zijn, is er een training
tot kindertolk, er is mijn boek en er zijn lezingen zoals vanavond.
Er kwamen steeds meer vragen vanuit onderwijs en kinderopvang of we
daar ook iets kunnen doen, dat is ook in de maak. Kinderen reageren
ook op de meester en andersom, daar is hetzelfde principe toepasbaar.
Vraag:
Werkt dit ook tussen 2 zussen, die elkaar een spiegel voorhouden?
Antwoord:
Ik heb hier een voorbeeld van een gezin, waarvan de moeder erg
assertief is en de vader een stuk rustiger. Vaak zoeken mensen een
relatie met iemand die complementair is, die vertegenwoordigt de
stukjes in jou die nog in de schaduw liggen. Tussen 2 zusjes zie je
vaak dat er een zelfde soort verstandhouding is, als de ouders gaan
bakkeleien, dan gaan de kinderen dat ook doen. En wanneer de ouders
lief tegen elkaar gaan doen, doen de kinderen dat ook.
Vraag:
Maar geldt dat ook voor volwassen zusjes? Betekent dat als jij iets
graag wilt voor je zusje, dat jij dat zelf ook graag wilt?
Antwoord:
Je kunt je overal aan spiegelen, je kunt dezelfde signalen krijgen
van iedereen, je baas, je hond, enz. Alleen je hoeft je daar niet
zoveel van aan te trekken. Pas wanneer het je kind is, dan raakt het
je pas echt.
Als
het je raakt wat je ziet in een ander, dan is het ook iets van jou.
Op dat moment is het dus een spiegel.
Je
lichaam, kinderen en dieren dat zijn drie vormen die heel dicht staan
bij het innerlijk kind in jou. De meeste onbewuste blinde vlekken
loop je op in je eerste jaren, daar is vooral het kind, het lijf en
die dieren zijn daar hele goede vertolkers van.
Vraag:
Dit is toch iets van alle tijden? Hadden onze voorouders hier ook
last van?
Antwoord:
Ik denk dat het principe er altijd was, maar wij hebben nu een
levensstandaard bereikt, waarbij wij niet meer bezig hoeven te zijn
met overleven. Er is in onze maatschappij ruimte gekomen voor onze
zelfontplooiing.
Vraag:
Als alleen de moeder verandert, heeft dat genoeg invloed of moeten
beide ouders veranderen?
Antwoord:
Het is heel voor de hand liggend, het kind heeft beide ouders nodig.
Ouders leren ook allebei van ieder kind iets. Het lijkt me haast
vanzelfsprekend.
Vraag:
Als je een kind op jonge leeftijd verliest, mijn dochter was 4,5
jaar, heeft zo’n ge-beurtenis ook een boodschap, of heeft dat
kindje met haar sterven een boodschap voor mij.
Antwoord:
Eigenlijk weet ik dat niet, ik denk dat je op het moment dat dat
gebeurt je alleen maar verdrietig bent en je niet bezig bent met een
boodschap. Als je later door het grootste verdriet heen bent vraag je
je misschien af waarom dit kind bij je is gekomen. Zowel het kind,
als de ouder hebben daar iets mee te maken. Voor het kind was het
misschien lang genoeg, voor de ouder is het misschien een boodschap
over leven, over hier en daar, maar wellicht ook iets anders. Je kunt
daar niet algemene uitspraken over doen.
Ik
weet wel van een vrouw die bij me kwam, die kon geen kinderen
krijgen. We doen dan een baby oefening. Zij is een hele
onafhankelijke carrièrevrouw, tijdens die oefening komt ze
erachter dat ze afhankelijkheid verschrikkelijk vindt. Als ze tijdens
die oefening, zelf weer klein is, beseft ze dat ze zelf een
afhankelijk kindje was, en dat als ze zelf een kindje zou krijgen,
dat dat ook een afhankelijk kind zou zijn. En dat kindje kan niet
floreren, als ik afhankelijkheid typeer als iets wat vervelend is.
Het hoort erbij. Ondertussen voelden we beiden een soort windvlaag
voorbij komen, we kregen er kippenvel van. Het leek wel alsof er ter
plekke een ziel bij ons was die zich met haar verbond. Kort daarop
belde ze me dat ze zwanger was. Dat zijn hele moeilijke thema’s
om daar zomaar even op een lezing uitspraken over te doen. Dat vraagt
een meer integere behandeling.
Vraag:
“Het Fluisterkind”, is een geregistreerde naam, het doet
vermoeden alsof één persoon, Janita Venema, dit ooit
ontdekt heeft, maar is dit niet al eeuwenoud?
Antwoord:
Dat klopt, het is al eeuwenoud, maar het is wel iets van deze tijd om
daar mee bezig te zijn, ik heb niet de ontwikkeling geregistreerd, ik
heb wel de woorden geregistreerd “Het Fluisterkind” en
“kindertolk”. Ik heb 15 jaar gewerkt aan deze methode en
het regi-streren en therapeuten die onder een licentie werken brengt
weer iets van die investering terug. Aan de andere kant is het toch
het beste wat je kunt doen, want die therapeuten willen ook gewoon
hun centjes terug verdienen, die zetten zich met hart en ziel in. Ik
heb nog nooit een grotere groei meegemaakt, de eerste jaren was het
een beetje freewheelen, ieder voor zich, pas sinds we er een serieuze
zaak van gemaakt hebben heeft iedereen echt de schouders eronder
gezet waardoor we heel veel mensen hebben bereikt. Ik denk dat dat
alleen maar goed is. Daarnaast kun je hier ook op andere manieren mee
aan de slag gaan, maar als je het op mijn manier wilt doen, dan hoort
dit daar bij.
Vraag:
Kun je iets zeggen over de nieuwetijdskinderen?
Antwoord:
Dat is een goede vraag. Ik denk, als er nieuwetijdskinderen zijn, dan
zijn dat kinderen van een nieuwe tijd. Dat betekent dat er een nieuwe
tijd gaande is, daar gaan we allemaal deel van uit maken. Dus in mijn
ogen, zijn alle kinderen nieuwetijdskinderen en de volwassenen
nieuwetijdsvolwassenen. Ik zie wel verschil tussen kinderen die ik nu
zie en kinderen van 20 jaar geleden. Dat heeft te maken met
hoogsensitiviteit, intuïtief bewustzijn, blijkbaar is het tijd
voor ouders, voor volwassenen om zich dat soort eigenschappen eigen
te gaan maken.
Vraag:
Hoe zit dat met kinderen met ADHD of autisme?
Antwoord:
We hebben heel veel van die plakkertjes en het lijkt wel of er per
dag meer bij komen. ADHD staat voor Attention Deficit Hyperactivity
Disorder, en is dat niet wat ons deze tijd kenmerkt? Een
aandachtsstoornis en een hyperactiviteit daarbij, wij hebben toch ook
te weinig aandacht voor de dingen om ons een. We zijn maar druk en
gaan maar door en hebben geen aandacht te schenken aan de dingen die
wij doen. Zo geven de woorden vaak al aan wat het grote probleem is.
Daarnaast is er altijd een individuele invulling, de een kan zich
niet concentreren, de ander is impulsief, zo zijn er heel
verschillende aspecten waar een ouder zich druk om kan maken. Wat
betreft autisme, wij hadden een kindertolk vorig jaar in de training,
haar zoontje had PDD-NOS, ook zo’n aandoening in het autisme
spectrum en zij heeft zich daar met heel veel enthousiasme ingestort,
met als gevolg dat haar zoon van het speciale onderwijs nu in het
normale onderwijs zit, dat zijn dingen die mogelijk zijn. Het wil
niet zeggen dat het altijd mogelijk is. Autisme wil zeggen, ik heb
moeite met contact maken. Is dat niet wat wij heel veel doen, dat wij
niet goed in contact met onszelf zijn? En dat die kinderen ons dat
willen laten zien?
Vraag:
Ik werk in de psychiatrie (GGZ met kinderen van 5 tot en met 18 jaar
oud) en wij hebben veel kinderen met gedragsproblematiek, denk je dat
deze behandelmethode ook daar effectief zou zijn?
Antwoord:
De kinderen die daar terecht komen hebben vaak al een hele historie,
die dragen hun probleem vaak al een aantal jaar met zich mee, in die
zin zou je wat meer tijd mogen nemen voor zo’n heel proces. Je
zit dan ook nog met het punt dat er ouders zijn en een hulpverlener,
of hulpverleners, soms zie je dat bepaalde stukjes bij de ouder horen
en dat sommige stukjes ook bij de hulpverlener liggen. Je ziet ook
vaak dat volwassenen vaak dezelfde problemen hebben zoals
bijvoorbeeld teveel in je hoofd zitten. Als het kind dan thuis niet
gehoord wordt en vervolgens in een instelling komt en daar ook weer
niet gehoord wordt, het lijkt dan voor het kind alsof volwassenen met
elkaar samen spannen. Het is dus zeker mogelijk, alleen in welke vorm
weet ik niet, je zou dan moeten kunnen onderscheiden wat bij de ouder
thuis hoort en wat bij de hulpverlener en wat bij het kind thuis
hoort.
Vraag:
Je merkt wel dat de doelgroepen steeds moeilijker worden, wat nog wel
handelbaar is wordt dan ambulant behandeld, je merkt op de werkvloer
dat ze steeds agressiever worden. De problematiek wordt steeds
ernstiger.
Antwoord:
Dat klopt, wij noemen dat het megafoon effect. Als jij een bepaalde
boodschap hebt en die wordt niet gehoord, dan ga je harder schreeuwen
en als er dan nog niet geluisterd wordt, dan ga je nog harder
schreeuwen. Uiteindelijk is het nog steeds dezelfde boodschap.
Tot
slot, de meest mooie dingen zitten vaak in de meest vervelende dingen
en als je echt goed gaat kijken dan kom je erachter dat je grootste
leermeester gewoon bij jou thuis op de bank zit.
Verslag: Talitha Wanders
|